Hoe we samen met supermarkten de strijd aan gaan tegen voedselverspilling.

Voedsel verspilling is hot
Het is een mooie week geweest voor iedereen die zich inzet voor de strijd tegen voedselverspilling. Zo lanceerde de Rockefeller Foundation Yieldwise, een organisatie die 130 miljoen dollar beschikbaar heeft gesteld om te investeren in het halveren van het voedselverlies tussen oogst en consument. In Davos bij het World Economic Forum is een ander initiatief gestart onder de naam: Champions123.  Deze organisatie heeft als doel partijen aan te sporen en te ondersteunen bij het halveren van de wereldwijde voedselverspilling, een van de duurzame ontwikkelingsdoelen voor 2030.  Mooi dat Nederlanders als Louise Fresco (bestuursvoorzitter Wageningen UR), Peter Bakker en Wiebe Draijer (topman Rabobank) daarin het voortouw nemen.

Van papieren werkelijkheid naar gedragsverandering
Een dergelijke doelstelling op papier vastleggen is van belang. Het is echter nog belangrijker de gewenste gedragsverandering te bewerkstelligen. Het gaat uiteindelijk niet om systemen of regelingen maar over ons zelf. Wij, als burgers, consumenten en medewerkers, maken het verschil. En hoe moeilijk veranderen ook is,  dat wij zelf kunnen meehelpen deze doelen te bereiken is misschien ook wel het goede nieuws.

Nederlandse initiatieven
In Nederland zijn er op kleine en grotere schaal al diverse initiatieven tegen voedselverspilling geweest.. Zo hebben particulieren via Foodsharing 408 kilo voedsel gered door voorraden te delen. En zet het restaurant In Stock in Amsterdam voedselverspilling “op de kaart”, in samenwerking met onder andere bedrijven als Albert Heijn en Heineken.

Het bekendste voorbeeld is natuurlijk de Voedselbank. De impact die de Voedselbanken realiseren is groot door de schaal waarop zij opereren en samenwerken met fabrikanten en supermarkten. Zij laten zien dat samenwerken op grote schaal helpt om lokaal een verschil te maken. De vraag is: wat kunnen we vanuit onze lokale gemeenschappen nog meer doen in de strijd tegen voedselverspilling?

Inspiratie uit Groot Brittannië
Het antwoord is misschien te vinden in Groot Brittannië. Sinds 6 maanden vraagt Marks & Spencer klanten om lokale projecten te vinden waar voedsel nodig is. Binnen de gemeenschappen weten we zelf immers het beste welke opvangcentra, kookscholen of buurthuizen goed werk doen. Deze organisaties kunnen het anders overtollige voedsel vaak goed gebruiken. Via het sociale netwerk Neighbourly wordt de match gemaakt tussen vraag en aanbod. Als lokale vrijwilligers aanbieden het voedsel op te pikken en te brengen waar het nodig is, worden direct de logistieke uitdagingen opgelost en komt bruikbaar voedsel bij mensen die het nodig hebben.  Zo distribueert Marks & Spencer via Neighbourly Food het voedseloverschot uit hun 500 winkels.

Als Neighbourly willen we binnen 3 maanden in Nederland van start gaan. Wie doet er mee?

Dirk van der Beek
Dirk van der Beek is oprichter en community engineer bij Neighbourly Nederland

neighbourly-food-tinted

jan 25, 2016
Share this: